(2026 Week 15)
Had iemand me niet – zo vroeg ik me twee blogs geleden af – met zachte doch gedecideerde hand uit het labyrint kunnen leiden waarin ik verdwaald was geraakt? Zou Jan Foudraine me uit mijn intellectuele verstrengeling met René Descartes en Albert Einstein hebben kunnen halen? Of Ronald Laing? Beiden zouden hebben afgezien van shocktherapieën en ook met medicijnen zouden ze zeer terughoudend zijn geweest. Maar waar zou ik dan in terechtgekomen zijn? In het labyrint van Jan Foudraine zelf, waarin je aangeraden kon worden een levende meester te zoeken, zoals hijzelf Bhagwan Shree Rajneesh gevonden had? Of het labyrint van R.D. Laing die ook een reis naar India had gemaakt?
Laing trok mijn speciale aandacht om de verhalen die rondgingen over hoe hij mensen in staat van grote ontreddering tot rust kon brengen. Hij kon zomaar de afdeling opgaan en nam dan ook nog weleens een fles whisky mee. Hij probeerde met de waanzinnige te communiceren en slaagde daar ook regelmatig in, mensen werden rustig van zijn spiegelgedrag.
Ook heeft Laing indruk op mijn gemaakt in een essay waarin hij de grote psychiater Karl Kaspers kritisch aanpakt. In diens monumentale Algemene Psychiatrie bespreekt Jaspers het verhaal van iemand die roekeloos aan een spirituele reis begint en geeft daar vervolgens als psychiater commentaar op. Laing leest met Jaspers mee en stelt daarna vast – Jaspers wil wel luisteren, maar hij luister niet goed genoeg. En legt dan tot in detail uit waarin Jaspers, ondanks zijn welwillendheid, tekortschiet.

Misschien is elke goeroe of elke psychiater, ja misschien is elk mens wel een labyrint en is het eerder de vraag in welke doolhoven het leven goed, of in ieder geval goed te dragen is. Het zal niet toevallig zijn dat ik altijd een bewonderaar ben geweest van Jorge Luis Borges die van mijn psychose waarschijnlijk een prachtig verhaal zou hebben gemaakt vol spiegels, bibliotheken, tijgers en labyrinten. Misschien zou het eindigen in een museum dat alleen maar een ingang heeft en waarin iedereen gedoemd is onderdeel van de collectie te worden. En hijzelf? Toen hij in 1986 overleed was in een Spaanse krant een kop verschenen met de titel: ‘Borges ha encontrado la salida’ – en dat betekent: hij heeft de uitgang gevonden.
Afbeelding: plattegrond van het Museum van de Geest. Het artikel van R.D. Laing waar ik naar verwijs is ‘Transcendental Experience in Relation to Religion and Psychosis’ en is opgenomen in Spiritual Emergency: When Personal Transformation Becomes a Crisis, een verzameling essays geredigeerd door Stanislav Grof, M.D. en Christina Grof.
