Aankondigingen en recensies

Langzaam wordt het me steeds helderder waarin De overtocht zich van andere boeken over psychoses onderscheidt. Het interview met Theo Brand in Nieuw Wij heeft me daar weer nieuwe formuleringen voor doen vinden. Hoewel ik mijn verhaal wel vertel, is het veel meer een beschouwend werk dan een autobiografie. En daarbij ligt mijn filosofische focus niet zozeer op de relatie tussen psychoses en mystiek, maar tussen psychoses en bekeringen en andere levensrichting veranderende gebeurtenissen. Hoewel het steeds over Grote Gebeurtenissen gaat, is het toch mogelijk daar een analytische blik op te werpen. Ik wil mijn gevoelens niet zozeer delen met mijn lezer maar ik probeer ze voor hem of haar inzichtelijk te maken. Ook vond ik het heel aardig om in dit interview de titel te noemen die ik zelf aan het boek wilde geven – Gekleed en bij zijn volle verstand – en een eerdere roman die ik geschreven heb – De skyline van Hillegom. Binnen korte tijd verschijnt bij Nieuw Wij van mij een artikel over James Alison, over wie ik in het verleden een presentatie heb gegeven voor de Girard Studiekring getiteld Homoseksualiteit als onderdeel van de schepping.

Op woensdag 19 mei heb ik een Pinksterlezing mogen geven voor belangstellende mede-Domincusgangers. Het Pinksterverhaal komt expliciet aan de orde in het derde hoofdstuk van mijn boek, getiteld ‘Nog iets over het niets’. De belangrijkste Bijbeltekst in dit hele verhaal zijn de beroemde woorden van de apostel Paulus: ‘Wat in de ogen van de wereld onbeduidend is en wordt veracht, wat niets is, heeft God uitgekozen om wat wel iets is teniet te doen.’ Deze woorden komen uit het eerste hoofdstuk van zijn eerste Korintiërsbrief, waarin in hoofdstuk 13 het beroemde liefdeslied te vinden is (van ‘de rinkelende cimbaal’ aan het begin, en aan het einde ‘geloof, hoop en liefde’). Dit lied is een van de mooiste gedichten uit de hele westerse literatuurgeschiedenis, vind ik. Maar na hoofdstuk 13 komt hoofdstuk 14, dat eigenlijk alleen maar gaat over ‘spreken in tongen‘. Hierin laat Paulus zien hoe hij denkt over religieuze geëxalteerdheid. Geweldig allemaal als mensen uit hun dak gaan, geeft hij grif toe, maar belangrijker is het ‘profeteren’ en ‘uitleggen’, of hoe al dat door de Heilige Geest bezwangerde ululu-gedoe omgezet kan worden in klare taal. In een kerkdienst is emotie belangrijk, maar is ook richting, helderheid en verstand belangrijk. Paulus zit vooral op de lijn van de woorden, de duiding, de preek, of wat bij Dominicusgangers bekend is als ‘de overweging’. Daartegenover verzorgt muziek in een kerkdienst dan meestal de emotionele aanraking. Twee liederen die ik heb genoemd zijn: ‘Kom Schepper Geest’ en het Taizé-lied ‘En todo amar y servir’. Het zijn liederen die bij veel Dominicusgangers leven. Ik heb serieus nagedacht over hoe ik mijn lezing over ‘spreken in tongen’ zou kunnen eindigen met een opname van een van deze twee liederen. Maar uiteindelijk is mijn oog gevallen op de song I Still Haven’t Found What I Am Looking For van de popgroep U2. Ik heb daar drie versies van laten zien – één waarin je met de tekst kon meelezen, één waarin een eindeloos grote zaal mee gaat zingen en één waarin een gospelkoortje in een klein kerkje in Harlem helemaal los ging. Na die gospelversie, moet ik zeggen, werd het voor mij echt wel Pinksteren, en hopelijk ook voor de mensen die mijn verhaal hebben willen volgen. Lees hier nog meer over spreken in tongen.

Civis Mundi is een groep van vijf mensen die op hun website artikelen publiceren over maatschappelijke thema’s. Mathieu Wagemans schreef een recensie van De overtocht die begint als volgt : “Een recensie kan worden opgevat als een beschrijving van de inhoud van een boek, vergezeld van beoordelende uitspraken. Is de inhoud begrijpelijk, relevant, origineel? De Overtocht van Berry Vorstenbosch nodigt bij lezing voortdurend en dwingend uit het beoordelende centraal te stellen. Je wordt gedwongen de inhoud van het boek te overdenken en zelf positie te kiezen. Het boek genereert gedachten. Een recensie wordt dan een persoonlijk gekleurde tocht, om in de terminologie van Vorstenbosch te blijven.” Lees hier de volledige recensie.

Op 17 april 2021 was de boekpresentatie van De overtocht. Gaarne had ik de hele Dominicuskerk afgehuurd om de bezoekers op anderhalve meter afstand fysiek te ontmoeten en na de presentatie het glas te heffen. Maar helaas, de tijd was daar nog niet rijp voor. Toch is het een mooie zoomsessie geworden met Gijs Reudink van uitgeverij Lontano als voorzitter. Wouter Kusters, die in het hele project redacteur is geweest stak van wal met een Laudatio. Wouter vertelde dat alles ooit als een serie essays was begonnen, waarin hij de rode draad probeerde aan te brengen. Soms leken alle draden weer door elkaar te gaan lopen, maar uiteindelijk zijn we er samen toch in geslaagd de onderdelen aan elkaar te knopen. Vervolgens ging Joost Dupont – al heel lang een vriend van de wijsheid en nog langer een vriend van mij – in zijn voordracht dieper in op sommige aspecten van het boek, waarbij hij aansloot op zijn filosofische expertise, de identiteitsfilosofie van Paul Ricoeur. Joost Dupont noemt in zijn verhaal psychiater J. en de oude Willem als voorbeelden van mensen die goed op mij in mijn psychotische toestand hebben gereageerd. Ja, de oude Willem, zijn eenvoudige begaanheid scheen als een lichtstraal in mijn duisternis. Ik wil Gijs, Joost en Wouter heel erg bedanken voor hun medewerking, en ook alle bezoekers die van deze presentatie een feestelijke gebeurtenis hebben gemaakt.

In het aprilnummer van de Dominicuskrant is een interview verschenen dat Mirjam Nieboer van mij afgenomen heeft. De Dominicuskrant is het blad van de Dominicuskerk in Amsterdam waar ik al bijna 20 jaar mee verbonden ben. Het gesprek gaat over het verband tussen psychoses en religieuze ervaringen, over het jezelf steeds maar weer vergelijken met anderen en dat je daar ongelukkig van kunt worden… En, natuurlijk ook over landschappen waarin je werkelijk – geestelijk of letterlijk – de weg kunt kwijtraken. Nederland is zo klein dat je er eigenlijk niet kunt verdwalen, maar ooit als backpacker in de Himalaya, zo laat Mirjam me vertellen, heb ik wel een paar zeer angstige momenten doorstaan. Daarnaast besteedt Mirjam Nieboer ook aandacht aan de ondersteuning die ik van Wouter Kusters heb gekregen en mijn belangstelling voor de mimetische theorie van René Girard. Ex-waanzinnige, Dominicusganger, Girardiaan, het staat er allemaal in…

Op 26 maart 2021 heeft het Webinar Wanen II plaatsgevonden waarin de auteur met Robert Swier en Eva Ouwehand in gesprek is geweest over psychose en religie. Het Webinar werd georganiseerd door Stichting Psychiatrie & Filosofie. Opvallend in de bijdrage van Eva Ouwehand was dat ze onze tijd kenschetste als een tijd die valt na de secularisatie. Centraal in onze tijd staan religieuze of spirituele ervaringen, waar mensen naar op zoek zijn, waar mensen soms mee worstelen, vaak buiten de verbanden van traditionele religieuze instituten. Ook Robert Swier, die een calvinistische achtergrond heeft, valt met zijn mystiek/psychotische ervaringen buiten de traditionele kaders. Hierin onderscheidt mijn verhaal zich van dat van veel anderen. In De overtocht neemt de ervaring van de bekering een centrale plaats in, iets wat in mijn leven heeft geleid tot aansluiting bij een kerkgenootschap. Het Webinar is nog te bekijken op de website van de Stichting. Een bewerking van de tekst welke door mij op het Webinar is uitgesproken vindt u hier.

Corona als oefencrisis. Soϕie, tijdschrift voor christelijke filosofie: Oktober 2020. In De Overtocht stel ik me diepgaand vragen over de juiste woorden om bekeringservaringen te beschrijven. Ik leg daarin de seculiere denker Peter Sloterdijk en de christelijke denker René Girard naast elkaar. Na het voltooien van De Overtocht, en verder lezend in het rijke oeuvre van Peter Sloterdijk, werd ik getroffen door hoeveel belang hij hecht aan woorden als ‘ommekeer’, het woord Kehre in zijn moedertaal en het Griekse metanoia, dat zo’n belangrijke rol speelt in het Nieuwe Testament. Via Peter Sloterdijk is het mogelijk christelijke woorden als metanoia opnieuw in omloop te brengen in het aanzicht van een ecologische crisis die ons vanuit talloze hoeken aanstaart. De link met de huidige coronacrisis kon gelegd worden via het opmerkelijke succes van het boek Unsere Welt neu denken: Eine Einladung van Maja Göpel. Zij zet zich af tegen de mentaliteit van back to business as usual, wat je als een tegendeel van metanoia zou kunnen zien. Business as usual, het is een term die we in deze coronatijd vaak hebben gehoord. Er is zoiets als een verlangen naar een louterend effect van deze crisis, resulterend in een waarachtig veranderde levensinstelling.

Writing an Afterword on Pandemics. COV&R Bulletin: August 2020. In de zomer van 2020 moest ik de tekst voltooien van het nawoord van De overtocht. In dit nawoord ga ik expliciet in op de coronacrisis. Dit artikel beschrijft mijn geworstel met dat nawoord. In de besprekingen van het denken van René Girard in De overtocht heb ik regelmatig naar de metafoor van de epidemie verwezen, een metafoor die in zijn werk een bijzonder belangrijke rol speelt. Niet voor niets heet het blad van de COV&R Contagion. In een artikel geschreven in 1974 zegt Girard dat het merkwaardig is hoe vaak er nog over de pest geschreven wordt, terwijl epidemieën niet meer bij de hedendaagse werkelijkheid horen. Dat was vóór AIDS, Ebola of SARS. In dit artikel ga ik in op de vraag in hoeverre Girards visie op de epidemie overeenkomt met wat we tot aan de herfst van 2020 in de coronacrisis meemaken.

Als voetstappen in de sneeuw. Volzin: nr 6, juni 2020. Een meditatie over ‘conservatieve’ en ‘progressieve’ benaderingen van het christendom. Filosofisch sluit het artikel aan bij de gedachtenvorming over een postmoderne religiositeit, of een manier van godsbeleving waarin veel meer ruimte is voor twijfel en onzekerheid dan in traditionele opvattingen. Het artikel is geschreven tijdens de lockdown van april en mei 2020. Tijdens de Urbi et Orbi op het lege St. Pieterplein besprak de paus het verhaal uit Marcus 4 van Jezus die op het meer van Galilea een storm tot bedaren brengt. Dit verhaal sluit bijzonder goed aan bij de metafoor van de zeereis die De overtocht als geheel draagt.